|
De werking van onze hersencellen (neuronen)
en andere zenuwcellen
De hoofdtaak van een neuron is om boodschappen verpakt als
electrische pulsen aan andere neuronen door te geven. Een
neuron bevat tot 100.000 ingangen voor electrische pulsen
die dendrieten worden genoemd en per cel één
uitgang die neuriet wordt genoemd. Dendrieten en neurieten
zijn dunne draadachtige "takjes". De dendrieten
verbinden het neuron met de omliggende hersencellen. De neuriet
van een neuron kan bijzonder kort zijn en slechts tot aan
de buurcel raken, of ze kan ook meer dan 1 meter lang tot
in het lichaam rijken via het ruggemerg.
Bijzonder belangrijk is dat neuronen volledig aparte eenheden
zijn die elkaar niet eens raken. Er is evenmin direkt kontakt
tussen de dendrieten en neurieten van een neuron en de dendrieten
en neurieten van andere neuronen. Er is steeds een tussenruimte
die de synaps wordt genoemd en gevuld is met de cerebrospinale
vloeistof. De electrische puls kan niet direkt doorheen de
vloeistof in deze synaps-ruimte stromen. De overdracht van
de informatie gebeurt via biomoleculen die neurotransmitters
worden genoemd en die electrische signalen kunnen "opnemen
en doorgeven". Alles wat we denken of voelen kan dus
uiteindelijk worden herleid tot een serie van afwisselend
electrische en biochemische signalen.

De eerste neurotransmitters die werden ontdekt in de jaren
'50 waren acetylcholine,
noradrenaline, dopamine en serotonine. In de jaren '60
volgden de aminozuren van het type GABA.
In de jaren '70 volgden de peptiden en die stelden de wetenschappers
voor een probleem. Voorheen werd verondersteld dat er maar
één neurotransmitter nodig is om een signaal
over een synaps te brengen. De peptides bleken evenwel in
interactie met andere neurotransmitters de informatie-overdracht
te beïnvloeden. In de jaren '80 werd ontdekt dat stikstofdioxide
(lachgas) ook als neurotransmitter
fungeert en later volgden ook andere gassen.
Naast het belang en de interactie van verschillende soorten
neurotransmitters werd ook duidelijk dat elke neurotransmitter
verschillende receptoren heeft, die op een andere manier op
een neurotransmitter reageren. Deze receptoren zijn lange
moleculen die aan de buitenkant van lichaamscellen vastzitten
als ware het antennes. Als we dit samenspel van dendrieten
en neurieten via neurotransmitters en receptoren in aanmerking
nemen, beginnen we in te zien dat onze hersenen een enorme
flexibiliteit hebben bij de communicatie tussen neuronen.
Neuronen die informatie louter electrisch doorgeven zouden
tot veel minder complexe denkpatronen in staat zijn.
Zonder de biochemie in ons denken en voelen zouden we veel
minder ontwikkelde wezens zijn. Dat ons lichaam via deze biomoleculen
een belangrijke rol speelt, doet dus niet af aan de waarde
van ons denken, wel in tegendeel.
De oorsprong van neurotransmitters en peptiden
De verbinding tussen lichaam en geest wordt des te duidelijker
wanneer we ons afvragen waar neurotransmitters vandaan komen.
De meer klassieke neurotransmitters worden in de hersenen
zelf geproduceerd. Dopamine wordt geproduceerd door de Substantia
nigra en het ventraal tegmentaal gebied. Noradrenaline komt
uit de Locus coeruleus en de hippocampus. Serotonine uit de
Hypothalamus en de Raphné nuclei. Vanuit deze gebieden
worden de neurotransmitters via dendrieten naar andere hersendelen
en tot ver in het lichaam gebracht.
Ondertussen is duidelijk dat de zaak oneindig veel komplexer
is. Vooral de peptiden worden doorheen het hele lichaam geproduceerd
en over het hele lichaam zijn ook receptoren voor peptiden.
Ze worden niet direkt aan de synaps tussen neuronen afgegeven,
maar vanuit de zijkanten van de neurieten. Zo hebben ze een
veel grotere invloedssfeer en kunnen vele omliggende cellen
beïnvloeden. Sommige peptiden worden in de darmen geproduceerd,
andere door de nieren. Zo kunnen bijvoorbeeld de lymfocyten,
behorend tot de witte bloedcellen en het immuunsysteem, endorfines
produceren, de natuurlijke morfines
van het lichaam. Ook werd bijvoorbeeld ontdekt dat histamine,
geproduceerd door cellen van het immuunsysteem om allergische
reacties zoals hoesten en niezen te verooraken, ook als neurotransmitter
in de hersenen werkzaam is.
Hormonen, receptoren en liganden
Verder spelen op langere termijn ook hormonen een belangrijke
rol in de hersenwerking. Het zijn meestal peptiden en steroïden.
Ze zijn verantwoordelijk voor postnatale traumas, 'opvliegertjes'
tijdens de menopauze, agressief weggedrag en passionele moorden,
om nog maar te zwijgen van honger, dorst en geslachtsdrift.
En ze worden overal in het lichaam geproduceerd. De schildklier
produceert thyroxine, de bijschildklieren parathormon, de
bijnieren noradrenaline en adrenaline, de bijnierschors corticosteroïden,
de alvleesklier insuline, de eierstokken oestrogeen , enz...
Deze productie wordt dan weer beïnvloed door delen van
de hersenen, door immuuncellen, door andere hormonen en door
neurotransmitters en peptiden.
Het hormoon agiotensine, dat ook een peptide is, geldt als
een typevoorbeeld van een éénduidige interactie
tussen lichaam en geest. Wanneer de hersenen er artificiëel
mee worden overspoeld krijgen we plots enorme dorst. De aanwezigheid
van agiotensine schept aldus een sterk gevoel van dorst, gevolgd
door de gedachte "ik heb dorst". Tegelijkertijd
zorgt het er overigens voor dat de wateruitscheiding in de
urine afneemt, alsook de hoeveelheid waterdamp in de uitgeademde
lucht.
Helemaal overweldigend wordt de link tussen lichaam en geest
met de vaststelling dat aan de buitenkant van elke lichaamcel
moleculen "hangen" die receptoren worden genoemd.
Ze vormen de ogen, oren en andere zintuigen van de cel en
vangen signalen op van rondzwervende moleculen die liganden
worden genoemd. De receptoren zijn eiwitten, terwijl de liganden
allerhande vormen kunnen aannemen. De verbinding tussen receptoren
en liganden veroorzaakt een reeks biochemische kettingreacties
in de cel. Elke receptor is ingesteld op een welbepaalde ligand,
al kunnen soms ook stoffen die op de ligand lijken de receptor
beïnvloeden. Tot deze liganden behoren de klassieke neurotransmitters,
maar ook de steroiden zoals de sexhormonen testosteron, progestron
en oestrogeen. Het overgrote deel van de liganden betreft
evenwel peptiden.
Suiker, vitaminen, mineralen
Alleen wanneer er voldoende glucose in het bloed aanwezig
is, zullen de hersencellen zoals alle lichaamscellen optimaal
fungeren. Glucose is het enige voedsel dat ons brein nodig
heeft. Wanneer suiker als een drug wordt gebruikt, zal het
evenwel ook als drug ageren en het denken verstoren. Meer
hierover in Chocolade
en suiker famillie van extacy en prozac ?
Hetzelfde geldt voor de aanwezigheid van mineralen en vitaminen,
die essentiëel zijn voor de produktie van informatiemoleculen.
Zo bestaan peptiden uit aminozuren, waarvan een aantal niet
door het lichaam kunnen worden geproduceerd en dan ook vitale
amines of vitamines worden genoemd. Daarenboven zijn de vitaminen
B6 en B2 alsook het mineraal magnesium erg belangrijk voor
de werking van het decarboxylase-enzym, dat de productie van
vele peptiden grotendeels reguleert. Dat voedingssuplementen
de invloed op de geest hebben die ze beloven is in algemene
zin dus geen verhaaltje, al hangt veel af van je persoonlijke
noden en biedt een gezonde voeding de beste garantie.
Met andere woorden, het adagium van een gezonde geest
in een gezond lichaam blijft meer dan overeind. Die relatie
blijkt immers ook wetenschappelijk veel sterker dan voorheen
was vermoed !
En verder...
Het is vooral via de konkrete invloeden op ons denken van
de diverse informatiemoleculen in ons lichaam, dat we ons
een scherp beeld kunnen vormen van hun belang. Klik voor een
volledig Overzicht
van de informatie-moleculen in ons lichaam.
De verbinding tussen lichaam en geest wordt ook des te duidelijker
in het deel De werking van
de zintuigen en in dat van Legale
en illegale drugs, wanneer we zien hoe stoffen die van
buitenaf in het lichaam ingebracht worden, via de informatiemoleculen
ons voelen en denken in sterke mate kunnen bepalen.
Verder spelen ook de ademhaling,
warmte, energie en andere invloedfactoren een niet onaardige
rol.
|