|
Smaak, vertering en gemoed
Naast eventueel geur
en zicht
is de smaak
het belangrijkste zintuig
waarlangs voedingswaren een effekt uitoefenen op ons gemoed.
Zo produceert de smaak van zoetmiddelen meteen een verhoging
van de concentratie aan endorfine
in ons lichaam, de peptide met een natuurlijke morfine-effekt,
die zowel lichamelijke als emotionele pijn onderdrukt.
Via
ons smaakgeheugen zijn smaken ook sterk aan herinneringen
verbonden en aan de gevoelens die we toen hadden. Elke paella
laat je weer even proeven van het gevoel van vrijheid en geluk
uit de tijd toen je paella at met die nieuwe vriend op dat
corsicaanse strand. De favoriete snoepjes van je oma brengen
je nog steeds troost, lang nadat je oma al gestorven is. Het
gemoedseffekt van smaak is dus net zo persoonlijk als dat
van een stukje muziek of een kunstwerk. Smaak is dus individueel,
maar toch zijn er ook duidelijke algemene smaakeffekten vast
te stellen bij heel wat voedingsmiddelen.
Dat smaak ons gemoed zo sterk kan beïnvloeden wordt
al wat minder verwonderlijk als we smaak vergelijken met onze
andere zintuigen.
Niemand zal ontkennen dat muziek
ons vrolijk, rustig of gestresseerd kan maken. De geur van
een roos is voor eeuwig aan de liefde verbonden. Zo ook de
rode kleur. Natuurlijke kleuren
en een natuurlijke omgeving brengen algemeen een gevoel van
rust, zowel via het oog als via de andere zintuigen
(bosgeuren, het geruis van de wind in de bomen,...). Niemand
twijfelt aan het weldoend effekt van een massage,
om van andere belevingen van onze tastzin nog niet te spreken.
Anderzijds staat de studie van het effekt van smaken op het
gemoed nog in de kinderschoenen. Dit is vooral belangrijk
voor kruiden en specerijen die een sterke smaak bezitten en
veelvuldig in de keuken worden gebruikt. Een typisch voorbeeld
vormt nootmuskaat,
dikwijls een ingrediënt van bijvoorbeeld bloemkool in
de kaassaus, dat evenwel ook tot de zogenaamde ecodrugs
behoort. De psychosomatische kruidengeneeskunde, die de genezing
van ziekten als gevolg van psychische stoornissen beoogt,
vormt hier een belangrijke bron van informatie. Oosterse,
afrikaanse en zuid-amerikaanse kooktradities zijn overigens
al langer dan vandaag bezig met het effekt van voedingswaren
en specerijen op de gemoedstoestand. Sommigen, zoals de ayurvedische
kooktraditie uit India, hebben hierrond zelfs een aparte leer
opgebouwd.
Wanneer mensen voedingswaren misbruiken of gebruiken om een
bepaalde emotie op te wekken gebeurt dit veelal op basis van
de smaak. De behoefte aan die bepaalde smaak ontstaat vrij
onbewust. Andere effekten van het genuttigde voedsel zijn
evenwel dikwijls in staat om dat gevoel wat later al weer
weg te nemen.
Zoals
in Het
gevoel van vertering meer in detail wordt uiteengezet,
is wat na het smaken gebeurt niet zonder invloed. Al tijdens
het verteringsproces kan aan het lichaam en aan ons denken
en voelen veel energie worden onttrokken, vooral als het gaat
om grote hoeveelheden van een slecht verteerbare voeding.
Het optreden van slaperigheid, het oprispen van maagzuur,
het ontwikkelen van pijnlijke gassen in de onderbuik, chronische
constipatie, enz... zijn de meer bekende fysische effekten,
die duidelijk niet zonder invloed zijn op de gemoedstoestand.
Vele organen van het spijsverteringsstelsel zijn daarenboven
beladen met grote hoeveelheden receptoren
en productiecellen voor informatiemoleculen,
die op subtielere wijze het effekt van de vertering in onze
gemoedstoestand vertalen.
Het effekt na de vertering betreft enerzijds
de voedingswaarde inzake mineralen, vitaminen, enz... die
allen een effekt hebben op onze algemene biochemie van het
gevoel (zie De
electro-biochemie van het gevoel). Anderzijds kan een
specifieke voeding ook tot emotionele problemen leiden wanneer
na de vertering stoffen vrijkomen in een mate die toxisch
en verstorend werkt voor de biochemie. Chokolade is hiervan
een typisch voorbeeld, wanneer het hoge vetgehalte toxisch
inwerkt op de lever. En bij suikers is de insuline-val meer
dan bekend, met als gevolg een manisch-depressief gedrag.
Meer hierover in Chocolade
famillie van Extacy en Prozac ?
Alle voedingsmiddelen zijn drugs
Zoals in het onderdeel Legale
en illegale drugs werd uiteengezet, is het moeilijk om
een sluitende definitie te geven aan het begrip "drugs".
Als we alle stoffen die een effekt op de geest en het gemoed
hebben als drugs beschouwen, dan zijn zoals hoger aangetoond
ook alle voedingswaren drugs.
Natuurlijk kunnen we drugs van gewone voedingsmiddelen onderscheiden
door de sterkte van het geestelijke effekt. De afstand tussen
chokolade
en heroïne
is erg groot. Maar zo ontstaat een vrij brede, grijze zone
van stoffen met een duidelijk maar niet buitensporig geestelijk
effekt, waartoe ook vele voedingsstoffen behoren. In dat vacuum
vinden we recent ook de zogenaamde "smart
drugs" of "ecodrugs" terug, die met hoge
dosissen van vrij bekende kruiden en voedingsmiddelen een
"leuk" en legaal alternatief zouden vormen voor
de "echte" drugs.
Wat zowel heroine als chokolade tot potentiële drugs
maakt, is dat ze een zo sterke geestelijke werking hebben
dat ze tot verslaving leiden en dat overmatig gebruik tot
ongezonde neveneffekten leidt. Zelfs van eerder kleine hoeveelheden
heroine ga je op korte termijn dood en het gebruik van heroine
geeft een dermate sterke productie van roesscheppende stoffen
in het lichaam dat het lichaam de normale capaciteit om dergelijke
stoffen te produceren drastisch terugschroeft. De zogenaamde
"afkick" na de roes is hiervan een direct gevolg,
maar ook op veel langere termijn is een heroïne-gebruiker
biochemisch niet meer in staat om zonder heroïne gelukkig
te zijn.
Net
zo goed, zij het uiteraard in veel mindere mate, leidt het
overmatig gebruik van chokolade tot schadelijke neveneffekten,
vooral door overbelasting van de lever. En het eten van chokolade
bezorgt de chokoladeverslaafde evengoed afkickverschijnselen,
omdat overmatig gebruik de natuurlijke productie afremt van
endorfinen,
serotonine
en andere stoffen die een gevoel van geluk en troost veroorzaken.
En precies daarom ontstaat of bestendigt zich de verslaving
aan chokolade.
Het onderscheid tussen drugs en voedingsmiddelen valt dus
enkel te maken vanuit het gebruik. Er zijn geen softdrugs
en harddrugs, er is alleen soft en hard gebruik. Hoe sterk
is de concentratie in combinatie met de werkzaamheid van de
ingrediënten ? Waarom wordt het produkt genuttigd ? En
vooral, hoe ga je er zelf mee om ? De chokolade-, koffie-,
vlees- en suiker-verslaafden moeten als echte (soft)-druggebruikers
worden gezien. Ze staan net zo zwak tegenover hun afhankelijkheid
als die "echte" druggebruikers, zijn in wezen nog
minder weerbaar omdat ze niet begrijpen wat er precies gebeurt
en worden er gewoon ook mentaal en lichamelijk ziek van.
Als alle voedingswaren drugs zijn, waarom
voelen we dat dan niet zo aan ?
Ten eerste uiteraard omdat het effekt van voedingswaren op
de geest heel wat minder sterk is dan dat van de typische
drugs. Ten tweede omdat elke voedingsmiddel dat we tot ons
nemen een cocktail aan effekten veroorzaakt en dus minder
eenduidig werkzaam is. En ten derde omdat we vanalles door
elkaar eten, wat de eenduidigheid van het effekt nog verlaagt.
En
er is nog een belangrijke vierde reden : we erkennen de effekten
van voedingswaren op de geest niet, precies omdat we er ons
niet van bewust zijn. Bij softdrugs zoals marihuana
is het al vele malen aangetoond dat nieuwe gebruikers bij
het eerste gebruik ervan overtuigd zijn "niets te voelen".
Ze weten niet wat ze moeten voelen, dus voelen ze "niets",
terwijl hun omgeving wel degelijk een verandering in hun gedrag
opmerkt. Evenzo werd meermalen aangetoond dat wanneer aan
proefpersonen eerder kleine hoeveelheden van een echte drug
worden toegediend - zonder dat die proefpersonen dat weten
- zij daar evenmin iets van merken. Wanneer ze er vrolijker
van worden of eerder gespannen, dan zoeken ze daar andere
verklaringen voor.
Precies hetzelfde gebeurt bij onze interpretatie van de effekten
van onze voeding. Wanneer we ons wat onrustig voelen zoeken
we de reden daartoe overal behalve in de grote biefstuk die
we net consumeerden, inclusief de adrenaline en andere biochemische
gevoelssausjes (zie ook Eet
je hesp en denk als een varken ?). Ons bewustzijn over
de relatie tussen voeding en geest is dan ook het sterkst
wanneer het voedingswaren betreft met een eerder sterk effekt,
die we meestal als tussendoortje eten zonder het te mengen
met andere voedsel, zoals een chokoladereep.
Het is eigen aan de mens dat hij zichzelf centraal stelt.
En het meest centraal gesteld daarbij zijn onze gevoelens.
Die zijn echt, die zijn individueel, daaraan valt niet te
tornen. Wie triestig is wil niet getroost worden. Wie boos
is wil niet gekalmeerd worden. Wie verliefd is gruwelt bij
de gedachte het gevoel te moeten relativeren. Het is voor
de meesten dan ook erg moeilijk om de invloeden van gewone
voedingsmiddelen op onze gevoelens te aanvaarden. Het vergt
een vrij verregaande capaciteit tot zelf-relativering.
Dit gegeven verklaart zeker waarom op de link tussen voeding
en gevoelens een taboe bestaat. Dit zeker in onze moderne
samenleving, waar het individu zo zeer op de voorgrond is
komen te staan. Het verklaart ook de krampachtige pogingen
om een zwart-wit onderscheid tussen "drugs" en "niet-drugs"
in stand te houden en de verdoken realiteit van hard gebruik
bij zovele legale drugs. Hoeveel bejaarden combineren voortdurend
caffeine
met zware kalmeermiddelen
? Hoeveel vrouwen (én mannen) misbruiken chokolade
om een als ongevoelig ervaren wereld aan te kunnen ? Wie voor
zichzelf het verschil wil maken en zijn gevoelswereld, die
de uiterste expressie vormt van de individualiteit, wil zuiver
houden, dient eerst en vooral te aanvaarden dat gevoelens
relatief zijn. Ze kunnen slechts een ideaal van zuiverheid
benaderen indien de toevoer van emo-chemikaliën onder
kontrole wordt gebracht.
Het is daarbij ook van belang dat de producenten van voedingswaren
tot nog toe de relatie tussen voeding en geest eerder niet
leggen, zelfs al zou dit een extra verkoopargument betekenen.
Wanneer mensen zich er bewust van worden dat hun verslaving
aan chokolade, vlees, cola, koffie, enz... niet alleen de
"smaak" betreft, maar ook een emotionele basis heeft
en daarenboven alleen maar voor nog meer emotionele problemen
zorgt, zullen ze hun gewoonten misschien wel veranderen. Aan
chokolade-verslaving worden fortuinen verdiend. Wanneer we
vaststellen dat in brede lagen van de bevolking in moderne
maatschappijen het sterk verspreidde excessief en ongezond
eetgedrag een emotionele basis heeft, dan is dat dus niet
zonder economische gevolgen. De vraag is ook wat overheden
met potentiëel verslavende voedingswaren moet gaan doen.
In deze kontext is het halstarrig ontkennen van enige geestelijke
bijwerking door de producenten van bijvoorbeeld chokolade
of cola niet zo verwonderlijk. In die houding komt, onder
druk van de "moodfoods", waarschijnlijk binnenkort
verandering.
Positief omgaan met voeding en geest
De vraag die maatschappelijk dus meestal niet wordt gesteld
is hoezeer onze gedachten en gevoelens beïnvloedt en
vertekent kunnen worden door onze voeding. En wat voor gevolgtrekkingen
we daarbij moeten maken indien we onze gevoelens en gedachten
zo zuiver mogelijk willen houden. Wat is de invloed van een
TV-snack op de mate waarin we kunnen meeleven met het lief
en leed van de personages in een film ? Hoe zou een fenomeen
als verkeersagressie evolueren indien mensen wat minder vlees,
cola, suiker en koffie zouden "nuttigen" ? En hoe
zou het legale en illegale "harde" drugsgebruik
er gaan uitzien, indien we allen wat gezonder zouden eten
en van voeding een "soft", dwz. positief, mild,
bewust en gepast gebruik zouden maken om onze gevoelens wat
bij te sturen ?
We moeten allemaal eten, zoveel is duidelijk. Het komt er
gewoon op aan om de onvermijdbare relatie tussen voedingswaren
en onze geest zoveel mogelijk op positieve manier te doen
werken.
Allereerst
betekent dit het vermijden van voedingswaren waarvan het effekt
op onze gemoedstoestand eerder negatief zal zijn. Op de voorgrond
staat daarbij een maximaal vegetarisch dieet van voedingswaren
uit de biologische landbouw, met een minimum aan voedingsstoffen
met een sterk geestelijk effekt, zoals suikers, chokolade,
alcohol, koffie, caffeïne, enz... Terzake vormen volgende
pagina's aangewezen lectuur :
Eet
je hesp en denk als een varken ?
Chocolade
famillie van Extacy en Prozac ?
Hyperactieve
kinderen aan de cola ?
Pesticiden
in je hoofd of toch maar biovoeding ?
Ten tweede moeten we bij het bereiden en eten van voedingswaren
volle aandacht hebben voor de verteerbaarheid ervan, zodat
de vertering ons niet met emotionele problemen opzadeld. Meer
daarover in Het
gevoel van vertering.
Ten derde moet een evenwichtige, gediversifiëerde, verse
en gezonde voeding voorop staan, zodat we ons lichaam voorzien
van de nodige vitale voedingsstoffen die de basis vormen voor
een evenwichtige gevoels-biochemie. De meest ontwikkelde kooktradities
terzake vormen ongewtijfeld het yin-yang evenwicht in de makrobiotiek
en het pitta-kappa-vayu evenwicht uit de indiase ayurvedische
kookkunst.
Ten vierde betekent het dat we rekening houden met de specieke
emotionele effekten van voedingswaren en kruiden, in relatie
tot de specifieke noden van het moment. Wanneer je net voor
een grote moeilijke taak staat is het weinig zinvol om net
die voedingswaren te nuttigen die je eerder tot rust zullen
doen komen. En omgekeerd is het toch absurd om na een ontspannende
massage een koffie te drinken. Geen rekening houden met de
effekten van voedingswaren op je gemoed, betekent dat je ermee
omgaat als ware het een lottospel. Voedingswaren met een eerder
duidelijk geestelijk effekt zijn net zo bruikbaar als een
goed stukje muziek of rozengeur om het gemoed een richting
uit te sturen, maar dit moet dan wel met mate gebeuren.
Ten vijfde is het uiterst belangrijk een te sterke afhankelijkheid
van specifieke voedingswaren te vermijden. Zelfs al produceert
het eten van chokolade dezelfde fenylethylamine
die ook bij verliefheid vrijkomt, men moet weten dat er tussen
beide een hemelsbreed verschil bestaat en dat het ene slechts
een zeer pover en tijdelijk alternatief vormt voor het andere.
Meer nog, overmatig gebruik van chokolade zal de natuurlijke
capaciteit om fenylethylamine te produceren op termijn alleen
maar doen afnemen.
Ten zesde is niet alleen wat we eten is van belang, maar
ook hoe we eten. Wanneer het lichaam voldoende voedsel heeft
opgenomen zenden de lichaamscellen in het verteringskanaal
via informatiemoleculen een boodschap naar de hersenen dat
het eten mag ophouden. Hoe dikwijls negeren we deze boodschappen
en blijven we eten ver voorbij de verzadiging, het voedsel
alleen gebruikend omwille van de kortstondige smaakgenoegen
dat dit oplevert ? Naast aandacht voor de eetomgeving, is
dus ook het onder kontrole houden van onze smaakpapillen en
de aandacht voor de signalen van ons lichaam bijzonder belangrijk.
De Bomi-1 koeken zijn zoveel
mogelijk overeenkomstig deze principes ontwikkeld. Meer hierover
in de Bomi-1 visie.
|